Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Antwoorden

Avatar
Redactie NHG/BSL

1.

onjuist 

Bij perifeer arterieel vaatlijden onderscheiden we de vier stadia van Fontaine. Bij stadium 2 zijn er typische klachten van claudicatio intermittens, waarvan de beschrijving wisselend is. De patiënt omschrijft de klacht als pijn, soms als een moe en stijf gevoel, of als krampen, meestal in de kuit. De klachten treden op bij lopen. De pijn is zelden hevig. Bij stilstaan verdwijnen de klachten, maar ze komen terug als de patiënt verder loopt. Als de patiënt sneller loopt of een heuvel op gaat, ontstaan de klachten eerder. De patiënt heeft geen klachten als hij zit of staat. Soms is er een eenzijdig koudegevoel in de voet. Bij stadium 2 maken we onderscheid tussen stadium 2a: met een door de patiënt geschatte maximale loopafstand > 100 meter, en stadium 2b: met een door de patiënt geschatte maximale loopafstand < 100 meter.

2.

juist

De enkel-armindex meten we in rust. We meten de bloeddruk aan beide enkels met een dopplerapparaat en aan één arm met de bloeddrukmeter; deze waarden worden met elkaar vergeleken. De aanbeveling is om voor een betrouwbare interpretatie alle metingen drie keer te verrichten, zeker bij waarden rond de 0,9.

3.

juist

Perifeer arterieel vaatlijden is vrijwel zeker (kans > 95%) bij een eenmalige enkel-armindex kleiner dan 0,8 óf bij een gemiddelde van drie bepalingen kleiner dan 0,9.

4.

onjuist

Het wandeladvies houdt in dat de patiënt zo lang moet doorlopen totdat er klachten optreden, en dan nog tien stappen doorloopt. Daarna rust hij uit tot de klachten zijn verdwenen. De patiënt herhaalt deze oefening enkele malen gedurende vijftien tot dertig minuten. Benadruk het belang om deze wandeloefeningen drie keer per dag te doen, liefst elke dag, en dit tenminste zes maanden vol te houden.

5.

onjuist

De medicamenteuze behandeling van patiënten met perifeer arterieel vaatlijden is gericht op beïnvloeding van de risicofactoren voor hart- en vaatziekten (hypertensie, hypercholesterolemie en diabetes mellitus). Daarnaast krijgen deze patiënten acetylsalicylzuur in een dosering van 80 mg per dag. Acetylsalicylzuur reduceert het risico op cerebrale en coronaire vaatziekten met ongeveer een kwart, maar heeft weinig effect op het beloop van het perifeer arterieel vaatlijden.

6.

juist

Het beleid bij patiënten met perifeer arterieel vaatlijden is enerzijds gericht op vermindering van de klachten, verbetering van de kwaliteit van leven en vertraging van de progressie, en anderzijds op vermindering van de kans op andere hart- en vaatziekten. Bij alle stadia is de aanpak van risicofactoren voor hart- en vaatziekten belangrijk. Het maken van een compleet risicoprofiel hart- en vaatziekten van de patiënt past daarbij.1,2

7.

onjuist

Een pakjaar is het aantal jaren dat men heeft gerookt maal het aantal pakjes sigaretten per dag (een pakje is twintig sigaretten).

8.

juist

Bij gemotiveerde rokers bestaat de interventie uit een intensieve ondersteunende gedragsmatige aanpak, met mogelijke ondersteuning van nicotinevervangende middelen en/of medicatie bij personen die tien of meer sigaretten per dag gebruiken.3

Bladnaam:
Tijdschrift voor praktijkondersteuning 2009, nummer 3

Literatuurverwijzingen:

1Bartelink ML, Stoffers HEJH, Boutens EJ, Hooi JD, Kaiser V, Boomsma LJ. NHG-Standaard Perifeer arterieel vaatlijden. www.nhg.org. Geraadpleegd maart 2009.
2NHG Patiëntenbrief Claudicatio intermittens, versiedatum april 2004. www.nhg.org. Geraadpleegd maart 2009.
3Chavannes NH, Kaper J, Frijling BD, Van der Laan JR, Jansen PWM, Guerrouj S, et al. NHG-Standaard Stoppen met roken. www.org.nl. Geraadpleegd maart 2009.