Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Twee voor allen, allen voor één!?

Avatar
Redactie NHG/BSL

Rond de eeuwwisseling wist bijna niemand wat een praktijkondersteuner huisartsenzorg was, maar tegenwoordig valt het beroep niet meer weg te denken uit de huisartsenzorg en heeft de beroepsgroep een explosieve groei doorgemaakt. Naar schatting zijn er tussen de 2500 en 3440 praktijkondersteuners en praktijkverpleegkundigen werkzaam in de huisartsenpraktijk. Bijna 62% van de praktijken had in 2007 een praktijkondersteuner of verpleegkundige in dienst. In 2001 was dit nog maar 6%.1

En behalve een eigen blad heeft een nieuwe beroepsgroep ook belangenbehartiging nodig. Praktijkondersteuners/-verpleegkundigen leken overal bij te horen; bij de Nederlandse Vereniging van Doktersassistenten, de Eerste Associatie van Diabetesverpleegkundigen en de Landelijke Vereniging Wijkverpleegkundigen. Een aparte beroepsvereniging heeft lang op zich laten wachten, maar nu zijn er opeens twee beroepsverenigingen die naast elkaar pionieren en functioneren. Van oorsprong richtten beide verenigingen zich op verschillende doelgroepen. De Nederlandse Vereniging van Praktijkondersteuners was voor alle praktijkondersteuners, ongeacht vooropleiding. De Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland was specifiek voor de praktijkverpleegkundigen. Sinds kort kunnen praktijkondersteuners met beide achtergronden lid worden van beide verenigingen. De strijd om leden is dus begonnen. Wie heeft daar iets aan?
Waarom die onderlinge strijd, waarom zo moeilijk doen, als het ook samen kan? Zit het verschil van oudsher in de naam van de functie, is een praktijkondersteuner een andere functie dan een praktijkverpleegkundige? Zowel de tweejarige opleiding voor doktersassistentes als de eenjarige opleiding voor verpleegkundigen tot praktijkondersteuner/-verpleegkundige moet voldoen aan dezelfde eindtermen. De opleidingen mogen dus als gelijkwaardig worden beschouwd. Moeten we daarom juist niet gebruik maken van elkaar?
Het naast elkaar werken van de twee verenigingen is geen goede ontwikkeling. Het doel van beide verenigingen is om de groep van praktijkondersteuners/ -verpleegkundigen zo goed mogelijk te vertegenwoordigen. De overeenkomsten zijn groter dan de verschillen. Zo houden beide verenigingen zich bezig met nascholing, arbeidsvoorwaarden, deskundigheidsbevordering en accreditering van nascholing. Het moet dan toch mogelijk zijn om oude geschillen aan de kant te zetten en een brug te slaan, waarbij samenwerking en sterke vertegenwoordiging van de beroepsgroep voorop staan. Daarbij hoort het accepteren en waarderen van ieders achtergrond en kwaliteit.
Voor beide verenigingen zetten veel mensen zich met overgave in. Veel werk gebeurt nu tweemaal en dat is verspilde energie. Die energie kan beter gebruikt worden om samen te werken en hierdoor één, krachtige stem te laten horen. Voeg de verenigingen samen, dan is de kans groter om te worden gehoord!

Bladnaam:
Tijdschrift voor praktijkondersteuning 2008, nummer 4

Literatuurverwijzingen:

1Hingstman L, Kenens RJ. Cijfers uit de registratie van huisartsen-peiling 2007. NIVEL, 2007.