Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Reanimatie door leken gemakkelijker te leren

Avatar
Redactie NHG/BSL

Reanimatie door omstanders bij een hartstilstand lijkt eenvoudiger te zijn dan tot nu toe werd aangenomen. Als de professionele hulp tenminste snel komt. 

Iedere week worden in Nederland 300 mensen getroffen door een hartstilstand buiten het ziekenhuis. De overleving daarvan is 10-20%; een paar procent meer of minder scheelt al gauw tientallen doden per jaar. Daarom is het van belang onderzoek te doen naar de beste wijze van reanimatie. In Nederland leren we allemaal dat reanimatie bestaat uit hartmassage en mond-op-mondbeademing. Een recente meta-analyse werpt echter een nieuw licht op deze praktijk. Uit gerandomiseerd onderzoek bleek dat als omstanders reanimeerden (na een hartstilstand) met instructie van de meldkamer op de achtergrond, de beste resultaten werden behaald met alleen hartmassage. De kans om levend het ziekenhuis te verlaten was 20% groter dan wanneer tevens beademing werd gegeven. Een goede verklaring hiervoor ontbreekt, maar het vermoeden is dat de coronaire perfusie belangrijker is dan de ventilatie in de korte tijd totdat de ambulance arriveert. Let wel, dit geldt alleen bij een hartstilstand en alleen als de ambulance al onderweg is. Bij verdrinking, ongevallen en dergelijke en in situaties waarbij langer (hoe lang is niet bekend) gewacht moet worden op professionele hulp, is de beste wijze van reanimatie niet goed onderzocht en moeten we dus voorlopig ook maar blijven ventileren. Aan de cursussen hoeft dus niet veel te worden veranderd, maar moet je op afstand omstanders instrueren en kunnen huisarts of ambulance snel ter plaatse zijn, bedenk dan dat cardiale compressie de voorrang heeft.

Henk van Weert

Bladnaam:
Tijdschrift voor praktijkondersteuning 2011, nummer 1

Literatuurverwijzingen:

1Hupfl M, et al. Chest-compression-only versus standard cardiopulmonary resuscitation: a meta-analysis. Lancet 2010;376:1552-7.