Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Mannen en vrouwen niet altijd gelijk behandelen

Traditioneel includeren we veelal gezonde jonge mannen voor wetenschappelijk onderzoek en passen vervolgens de resultaten toe op man én vrouw. De inzichten hierover veranderen echter en er ontstaat steeds meer bewustwording dat sekseverschillen wel degelijk relevant kunnen zijn bij veel aandoeningen. In haar proefschrift noemt Debby Keuken verschillende voorbeelden. Zo werkt aspirine als primaire preventie bij vrouwen beter op de reductie van TIA’s/CVA’s en bij mannen meer op preventie van een hartinfarct. Vrouwen met COPD krijgen minder vaak een spirometrie omdat behandelaars COPD als een ‘mannenziekte’ beschouwen. Jongetjes met astma krijgen eerder luchtwegverwijders voorgeschreven dan meisjes. Kortom: sekse kan ertoe doen.
Schenkt men in Nederland in onderzoek en richtlijnen gericht aandacht aan sekseverschillen?
ZonMw is een belangrijke subsidiegever voor biomedisch wetenschappelijk onderzoek. Deze organisatie geeft in haar richtlijnen voor onderzoek aan dat sekse belangrijk is. Bij beschouwing van 213 onderzoeksvoorstellen bleek dat rond ‘preventie’ bij 23% van de onderzoeksvoorstellen aandacht is besteed aan sekseverschillen. Bij 66% is dat niet gedaan terwijl dit volgens Keuken wél relevant is.
Besteden de twee grote Nederlandse richtlijnontwikkelingsorganisaties, het Kwaliteitsinstituut voor de Gezondheidszorg (CBO) en het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG), aandacht aan verschillen in sekse bij de ontwikkeling van hun richtlijnen? Hiervoor beoordeelde Keuken zeven recente richtlijnen betreffende hypertensie, depressie, osteoporose en reumatoïde artritis en stelde vast dat er geen systematische aandacht aan sekse wordt besteed. Vervolgens kregen de stafleden die de richtlijnwerkgroepen begeleidden een training en gaf een expert in sekseverschillen feedback op de inhoud van de richtlijnen.
Waar leidde dit toe? In het laatste hoofdstuk beschrijft de promovenda dat de aandacht voor sekse in richtlijnen is toegenomen, maar dat voortdurende monitoring en vervolgonderzoek nodig is. Jammer genoeg gaat meer aandacht voor sekseverschillen niet vanzelf. (GvG)

Bladnaam:
Tijdschrift voor praktijkondersteuning 2009, nummer 1

Literatuurverwijzingen:

1Keuken D. Sex differences in health research and clinical guideline development [proefschrift]. Amsterdam: Universiteit van Amsterdam, 2008.