Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

‘Love the one you’re with’

Avatar
Redactie NHG/BSL

Deze hit van Crosby Stills Nash and Young zou in de jaren zeventig nooit zijn geassocieerd met darmbacteriën. Sinds 2008 is steeds meer bekend over onze vaste darmbewoners: hoe zij onze gezondheid bevorderen, ons gedrag, onze evolutie, de ontwikkeling van ons brein en onze ziektelast. 

De mens heeft veel meer bacteriën in zijn buik dan het aantal lichaamcellen waaruit hij bestaat. Het genetisch materiaal (biogenoom) van de bacteriën in onze darm beïnvloedt onze eigen genen en er is interactie tussen de gastheer (de mens) en haar bewoners (darmbacteriën). Zo worden darmbacteriën in verband gebracht met dikke-darmkanker, prikkelbaar-darmsyndroom, obesitas en diabetes type 2.
Mensen worden met een bacterievrije darm geboren. De kolonisatie ervan met bacteriën is niet alleen afhankelijk van ons voedsel en onze leefomgeving, maar ook van onze erfelijke eigenschappen.
Dat diabetes type 2 en obesitas een erfelijk patroon hebben is bekend, maar hoe groot is de invloed van onze darmbacteriën op onze voedselopname? En is de selectie van bacteriestammen genetisch bepaald?
Een experiment met bacteriën, muizen en tweelingen maakte dat duidelijk. Onderzoekers bestudeerden de bacteriën van 977 tweelingen, voor een deel eeneiig en voor een deel twee-eiig. De eeneiige tweelingen hadden een vrijwel gelijke darmflora, terwijl de twee-eiige meer verschillende darmflora hadden. Dit zou betekenen dat genetische aanleg de kolonisatie van de darm beïnvloedt. De tweelingen hadden immers gelijkwaardig voedsel en een gelijkwaardige leefomgeving, maar de een-eiige waren ook nog genetisch identiek. Om het effect op voedselopname te onderzoeken werden bepaalde bacteriestammen geïnfecteerd in bacterievrije proefdieren. De stam Christensella minuta bleek bijvoorbeeld te beschermen tegen obesitas en de stam Akkermansia bevorderde dit juist. Die relatie was zowel bij eeneiige als twee-eiige tweelingen aanwezig, maar vanwege de genen verschilden de effecten in beide groepen.
Hoe het afweerapparaat van de darm de selectie van obesitas-regulerende bacteriën bepaalt is onderwerp van onderzoek. Dat geldt ook voor hoe bacteriën überhaupt in staat zijn eetlust te bevorderen en te verminderen. Reden voor verder onderzoek is de belangrijke vraag: welk voedsel moet een mens eten om darmbacteriën aan te maken die obesitas tegengaan? Dat is per individu verschillend (genetisch bepaald). Als je over de goede darmbacteriën beschikt, geldt Love the one you’re with!
Mattees van Dijk

Bladnaam:
Tijdschrift voor praktijkondersteuning 2015, nummer 1

Literatuurverwijzingen: