Inhalatiecorticosteroïden bij COPD ook na nieuw onderzoek niet geïndiceerd

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan

De waarde van inhalatiecorticosteroïden (ICS) bij de behandeling van COPD staat nog altijd ter discussie. De NHG-Standaard COPD adviseert dan ook om alleen een proefbehandeling ICS te overwegen bij het optreden van twee of meer exacerbaties per jaar. Uit eerdere meta-analyses blijkt dat het toevoegen van een corticosteroïd bij COPD geen effect op klinische eindpunten laat zien. Nederlandse onderzoekers voerden een gerandomiseerd dubbelblind placebogecontroleerd onderzoek uit. Hierbij onderzochten zij of langdurig gebruik van ICS effect heeft op het verminderen van ontstekingen in de luchtwegen en achteruitgang van de longfunctie bij COPD. Ze verdeelden 101 therapietrouwe COPD-patiënten die rookten of een relevante rookhistorie hadden (GOLD-stadium 2 en 3) in 4 groepen: 31 patiënten kregen 6 maanden fluticason (500 microgr, 2 keer per dag) voorgeschreven, gevolgd door 24 maanden placebo, 26 patiënten namen 30 maanden flixotide (500 microgr, 2 keer per dag), 28 patiënten kregen flixotide (500 microgr) en salmeterol (50 microgr, 2 keer per dag voorgeschreven, en een groep van 29 patiënten kreeg 30 maanden lang een placebo. Primaire uitkomstmaat was het aantal ontstekingscellen in luchtwegen, gemeten met behulp van bronchoscopie en sputumafname. Secundaire uitkomstmaten waren het beloop van spirometrie, hyperreactiviteit op de methacholinetest, kwaliteit van leven en dyspneuscore. Bij het gebruik van flixotide vond men significant minder ontstekingscellen in vergelijking met de placebogroep. Daarnaast zorgde 30 maanden flixotidegebruik voor een verminderde daling van de FEV1 (verschil 86 ml per jaar, 95%-BI 43-129 ml/jaar, p < 0,001). De dyspnoescore en kwaliteit van leven verbeterden niet significant in vergelijking met placebo. Hoewel de onderzoekers concluderen dat inhalatiecorticosteroïden een plek kunnen krijgen bij de behandeling voor COPD is dit onderzoek te klein om het reeds bestaande bewijs te ontkrachten. Het medicamenteuze beleid in de NHG-Standaard COPD blijft dan ook vooralsnog gehandhaafd. Lees voor meer informatie ook het NHG-Standpunt inhalatiecorticosteroïden bij COPD (www.nhg.org). (Jacolien Potkamp)

Bladnaam:
Tijdschrift voor praktijkondersteuning 2010, nummer 2

Literatuurverwijzingen:

1Lapperre TS, et al. Effect of fluticasone with and without salmeterol on pulmonary outcomes in chronic obstructive pulmonary disease: a randomized trial. Ann Intern Med 2009;151:517-27.
2Geijer RMM, et al. NHG-Standpunt inhalatiecorticosteroïden bij matig ernstig COPD: GLUCOLD-onderzoek is geen reden voor wijziging advies in NHG-Standaard. www.nhg.org [kenniscentrum, richtlijnen, NHG-Standpunten]